Vanavond zongen we bij de vespers in de kerk Psalm 2. Dat raakte me. 
Het is een lied dat vaak gezongen wordt als een lied van macht. Het zet in met lage dreigend triomfantelijke tonen. De organist trekt hoe verder het lied gaat steeds meer registers open. En de gemeente zingt het uit volle borst mee.
Eerlijk gezegd voel ik op die manier niet zoveel bij het lied. Ik houd niet van al te triomfantelijk geloof. Dat doet me teveel denken aan de tijd dat het christendom nog de dienst uitmaakte in Europa en waarbij een superioriteit naar de rest van de wereld werd uitgestraald.
Maar het nu te zingen in de Goede Week als we stilstaan bij Jezus die ondergaat als een graankorrel in de aarde. Hij geeft zich over, zijn glorie is zijn verheffing aan het kruis. Nu krijgt het lied opeens echt betekenis: Continue reading

Met een dominee kun je maar beter niets te maken hebben. Net als met een dokter of een politieagent. Het is goed dat ze er zijn, maar het is beter als je ze niet nodig hebt. Dat is voor een dominee ook zo. Niet alleen omdat hij in gevallen van crisis op bezoek komt, maar vooral ook omdat wat hij te zeggen heeft niet altijd prettig is. Dat komt vaak niet uit.
Ik mag gratis meedoen met de Vriendenloterij, de Nog Nooit Zo’n Hoge Prijzenpot, de Bingo Miljoenenjacht en hoe ze verder maar mogen heten. Maar ik geloof er niets van. Ik moet waarschijnlijk betalen als ik ‘gratis’ meedoe. Natuurlijk delen ze bij die loterijen geen geld uit. Ze willen juist geld. Mijn geld. 

